English (United States) Nederlands (Nederland)

Sinds 1 januari 2008 is het Besluit bodemkwaliteit voor natte toepassingen van kracht. In dit besluit zijn regels opgenomen voor het gebruik van grond en baggerspecie in oppervlaktewater. Lees hier meer over dit besluit.

Toepassen grond en baggerspecie in oppervlaktewater
Bij toepassingen in oppervlaktewater wordt niet getoetst aan de functie, maar alleen aan de kwaliteit van de ontvangende waterbodem. Waterbodems kennen ook een andere klassenindeling dan landbodems. Daarnaast zijn de Interventiewaarden en het saneringscriterium voor waterbodems anders dan voor landbodems, omdat stoffen zich onder water anders gedragen dan boven water. Bij de Achtergrondwaarden is echter geen verschil tussen land- en waterbodems.

Toepassen van grond en baggerspecie in oppervlaktewater (generiek beleid)
In het generieke toetsingskader voor toepassing van grond en baggerspecie in oppervlaktewater is de waterbodemkwaliteit onderverdeeld in klasse A en klasse B. De Maximale Waarden zijn aan deze klassen gekoppeld. Bij de Maximale Waarden voor klasse B geldt voor het toepassen van grond een andere norm dan voor het toepassen van baggerspecie in oppervlaktewater. Bij toepassing van een partij grond geldt als bovengrens de Maximale Waarde voor klasse industrie. Bij toepassing van baggerspecie geldt als bovengrens de Interventiewaarde voor waterbodems.

Een partij grond of baggerspecie kan worden toegepast in oppervlaktewater wanneer de kwaliteitsklasse van de toe te passen grond of baggerspecie gelijk is aan of schoner is dan de kwaliteitsklasse van de ontvangende waterbodem. Zie onderstaande tabel.

Toepassingsmogelijkheden generiek kader

Toepassen grond en baggerspecie in oppervlaktewater (gebiedspecifiek beleid)
In het gebiedsspecifieke kader heeft de lokale waterkwaliteitsbeheerder Lokale Maximale Waarden vastgesteld. Zie onderstaande tabel voor de normstelling. De kwaliteit van de toe te passen grond of baggerspecie moet bij het gebiedsspecifiek beleid voldoen aan de vastgestelde Lokale Maximale Waarden voor de waterbodem. Wanneer het is toegestaan om grond of baggerspecie in oppervlaktewater toe te passen met een kwaliteit die slechter is dan de actuele waterbodemkwaliteit, dan mag alleen gebiedseigen grond en baggerspecie worden toegepast (standstill-beginsel op gebiedsniveau). 

Normen toepassen grond en bagger in water

Verspreiden baggerspecie in oppervlaktewater
Verspreiding in rivieren, meren en plassen vindt op kleine schaal plaats. In het generieke kader wordt gebruik gemaakt van de Maximale Waarden voor verspreiding in zoet oppervlaktewater. In het gebiedsspecifieke kader zijn Lokale Maximale Waarden vastgesteld door het bevoegd gezag. Er wordt getoetst aan de Generieke Maximale Waarden of aan de Lokale Maximale Waarden bij gebiedsspecifiek beleid. Daarmee is een toets aan de ontvangende waterbodemkwaliteit niet noodzakelijk.

 Normen verspreiden bagger in water

Datum actualisatie: 21 maart 2010