English (United States) Nederlands (Nederland)

Aanvullende voorwaarden grondverzet

Voor de aanvoer van grond in grondwaterbeschermingsgebieden zijn door de Provincie in het het 'Besluit licht verontreinigde grond' aanvullende voorwaarden gesteld bij hergebruik van grond op basis van een eventueel aanwezige bodemkwaliteitskaart. Deze voorwaarden moeten voorkomen dat de grondwaterkwaliteit af zou kunnen nemen door aangebrachte grond. De voorwaarden zijn:

  1. Met kolomproeven conform NEN 7343 is aangetoond dat de immissiewaar­den van de kritische anorganische stoffen in de toe te passen grond (zoals aangegeven in bijlage 2 van het Bouwstoffenbesluit [Bsb]), niet worden overschreden, of
  2. Met een beschikbaarheidproef (maximale uitloogbaarheid conform NEN 7341) is aangetoond dat de immissiewaarden van de kritische anorganische stoffen (zoals aangegeven in bijlage 2 van het Bsb), niet worden overschreden, of
  3. De kwaliteit is bepaald overeenkomstig artikel 9 van het Bsb of overeen­komstig artikel 4 van de MVG en daarbij is aangetoond dat de gehalten van de anorganische parameters de tussenwaarden niet overschrijden en ook is aangetoond dat de zuurgraad (pH-waarde), bepaald overeenkomstig de NEN 5750, van zowel de toe te passen grond als de ontvangende bodem groter is dan pH=5, of de kwaliteit is bepaald overeenkomstig artikel 9 van het Bsb of overeen­komstig artikel 4 van de Ministeriële Vrijstellingsregeling Grondverzet en daarbij is aangetoond dat de 95-percentielwaarde voor de meest kritische stof in de toe te passen grond lager is dan de tussenwaarde en ook is aangetoond dat de toe te passen grond afkomstig is uit het­zelfde grondwaterbeschermingsgebied waar het wordt toegepast.

Meer informatie:

Datum actualisatie: 20 maart 2010